Rondstruinen in Krekkelstad*

Muziekgod Pan houdt van bovenaf een oogje in het zeil in het Muziekkwartier

Onder leiding van stadsgids Ton Völker maakte ik onlangs een wandeling door het historische centrum van Enschede en door Roombeek, de wijk waar in 2000 de vuurwerkramp plaatsvond. Ik zei het al vaker: een stadswandeling met een gids biedt een grote meerwaarde aan een stadsbezoek. Door de verhalen gaat de geschiedenis voor je leven.

Als er iets is wat je door de eeuwen heen aan de inwoners van Enschede kunt toerekenen, is het wel een grote  veerkracht, tezamen met een enorm doorzettingsvermogen. De afgelopen eeuwen vond de ene ramp na de andere plaats en telkens weer rees Enschede als de spreekwoordelijke Feniks op uit de as.

De ellende begon met een grote brand in het jaar 1862, waardoor de hele binnenstad voor 95 procent in as werd gelegd. Het toeval wilde dat koning Willem III de dag ervoor op bezoek was geweest en dat er nog veel houten en kartonnen banieren hingen, die een gewillige prooi voor de vlammen werden. Aan de Grote Kerk, midden in het centrum is nog precies te zien welke delen na de brand vervangen zijn. De vervangende gele stenen komen uit het nabijgelegen Bentheim en de zwarte stenen zijn van de oorspronkelijke kerk. Ton wijst me op een dichtgemetseld venster in de zijmuur van de kerk. ‘’Dat is een  hagioscope oftewel lepravenster. Zo konden de leprozen toch nog een stukje van de kerkdienst meemaken zonder in aanraking te komen met de rest’’, zegt hij. Weer wat geleerd!

Ramp twee vond plaats tijdens de Tweede Wereldoorlog toen de geallieerden grote delen van Enschede bombardeerden. Ramp drie was de teloorgang van de textielindustrie met grote werkeloosheid als gevolg. Ramp vier is de vuurwerkramp die op zaterdag 13 mei 2000 plaatsvond. Hierbij verloren 23 mensen het leven en werden er 200 woningen verwoest.

Enschede heeft  natuurlijk ook  goede tijden gekend. In de oudheid waren het de arme boeren die vlas verbouwden en schapen hielden. In elk huisje was wel een weefgetouw en spinnenwiel te vinden om de armoede nog enigszins te bestrijden De boeren sloten zich aan bij zogenaamde Marken, een soort samenwerkingsverband. Enschede had het geluk langs de route te liggen van de Hanzesteden Münster en Deventer. Er ontstond een handelsroute en Enschede werd de plek om de paarden te laten rusten, te eten en te overnachten. De boeren konden hun spullen verkopen en rond 1325 was Enschede een klein dorp. De bisschop van Utrecht gaf Enschede in 1319 stadsrechten, waarmee de stad markten mocht houden en grachten en wallen om de stad mocht plaatsen. De boerenbevolking bleef  nog steeds arm, maar ging zich meer en meer toeleggen op het verwerken van het vlas en de wol. Daarnaast werden in de late middeleeuwen de Baptisten verjaagd uit Duitsland en families met namen als Cloppenburg en Brennickmeijer vestigden zich in Deventer. 

Het echte startschot voor de textielindustrie werd gegeven in het jaar 1830 toen de Zuidelijke Nederlanden (België) werden afgescheiden. De lakenindustrie viel daar weg en vestigde zich in en om Enschede. De voornaamste reden hiervoor was dat er schoon water was in de vele bronnen en beken. Ook wilden de boeren graag werken in de textielindustrie. De grote namen uit die tijd, zoals van Heek, Blijdenstein en Ledeboer spelen nog steeds een grote rol in Enschede. Het was van Heek die in 1874 een park aan de stad schonk, waarna andere fabrikanten niet konden achterblijven. Zo werden er musea, ziekenhuizen en andere instellingen aan de bevolking geschonken. Bevolking die overigens wel op een verschrikkelijke manier door de fabrikanten werd uitgebuit door de lage lonen en slechte werkomstandigheden. Vlak voor de Eerste Wereldoorlog waren maar liefst 40.000 Twentenaren, waaronder 19.000 Enschedeers werkzaam in de textielindustrie.

Ramp drie kondigde zich langzaam aan met de teloorgang van de textielindustrie. Vanaf 1960 stegen niet alleen de loonkosten, ook de overproductie was een belangrijke reden voor de ondergang. Tussen 1965 en 1990 nam de werkgelegenheid in deze tak af van 43.400 tot 8700. Het gemeentebestuur deed er alles aan om nieuwe werkgelegenheid te creëren, maar feit blijft dat in de periode na 1965 er grote werkeloosheid heerste in Enschede.

Terwijl mijn gids over het verleden vertelt, passeren we bijzondere gebouwen die allemaal een stukje geschiedenis met zich meedragen. Zo is de voormalige kerk van de Mennonieten omgetoverd tot het bierwalhalla Stanislaus Brewskovitch. Hier in de Stadsgravenstraat krijg je bijna keuzestress bij het zien van alle soorten bier die er geschonken worden en die bij mooi weer het lekkerst smaken in de ‘’Sjikkertuin’’. www.stanislausbrewskovitch.nl

De Jacobuskerk is ook zo’n speciaal gebouw. Deze kerk werd in 1933 opgeleverd en de opdracht was om iedereen het altaar te kunnen laten zien. Daarvoor gingen de ontwerpers een kijkje nemen bij Aya Sophia in  Istanbul met als gevolg dat deze RK kerk rechtstreeks uit het Byzantijnse tijdperk lijkt te komen. In de voorgevel is de Sint Jacobsschelp ingemetseld en mochten er lezers zijn die naar Santiago de Compostella gaan wandelen, dan kunnen ze ook in deze kerk hun stempeltje halen.

Het stadhuis van Enschede stamt uit hetzelfde bouwjaar. Loop even de hal binnen om te kijken naar de schitterende glas in loodramen die de complete geschiedenis van Enschede weergeven.

Overal in de binnenstad zijn de sporen van het textielverleden zichtbaar. In de voormalige woonhuizen en kantoren van de hoge heren zijn vooral horecagelegenheden gevestigd, maar de schoonheid van de huizen is nog steeds zichtbaar. In de Walstraat is het Lichtatelier te vinden. Dit museum, werkplaats en winkel wordt door vrijwilligers gerund. Hier worden de authentieke verlichtings- en schakelmaterialen uit de textielfabrieken geconserveerd en aangepast aan de huidige tijd. Vervolgens worden deze mooie en originele producten verkocht in de winkel. www.het-lichtatelier.nl

En dan is er nog de meest recente ramp: de vuurwerkexplosie in 2000. In één klap werd een groot gedeelte van de wijk weggevaagd. Het duurde jaren voor de bewoners die dat wilden, weer terug naar hun wijk konden. Er werd een Projectbureau Wederopbouw opgericht en onder de bezielende leiding van stedenbouwkundige Pi de Bruijn kregen de bewoners volledig inspraak in de vorm waarin de nieuwe wijk gegoten zou worden. Het resultaat trekt bezoekers vanuit de hele wereld. Van de 1500 koopwoningen zijn er 400 in particulier opdrachtgeverschap gebouwd en dit heeft geleid tot een mix van stijlen met hier en daar bijzonder architectonische hoogstandjes. Vooral de Bamshoeve is een must voor liefhebbers van architectuur. Er worden diverse thematische wandelingen in Deventer georganiseerd. Informatie hierover is te vinden op www.stadswandelingenschede.nl. en www.uitinenschede.nl

*Krekkelstad is de bijnaam van Enschede. De krekkel is een bros koekje.

Schrijf een commentaar: (Klik hier)

123website.nl
Tekens over: 160
OK Verzenden.

Manja Herstel | Antwoord 18.10.2019 14.03

Mooi geschreven Ank, complimenten.

Bekijk alle commentaren

Nieuwe commentaren

Gisteren | 13:48

Zoveel te zien op een op en top Nederlands eiland, complimenten weer.

...
Gisteren | 13:39

Zo heerlijk, voor mijn gevoel weer even op Texel geweest!

...
19.10 | 15:03

Wat leuk! Ik ga nog even verder door je verslagen reizen. Soms is het een feest van herkenning.

...
18.10 | 14:03

Mooi geschreven Ank, complimenten.

...
Je vindt deze pagina leuk